Ontmoeting met René Wassing (78 jaar)

In april 2004 maak ik met Ido Damsma een reis per zeekano over de Arafurazee van Timika naar Agats. Er is alleen maar water: onder de boot, in de boot, uit de hemel. Onophoudelijk noodweer; ik denk vaak aan Wassing. ’s Nachts moeten we overnachten op een eilandje voor de kust. Even weg van het water. De volgende dag hetzelfde: tropische regenbuien totdat we Agats binnenvaren. Nat maar ongeschonden.

7 oktober 2005
Ik had hem heel anders voorgesteld. Op foto’s staat een slanke man, rijzig. Nu kom ik hem op de oprit naar mijn huis tegen. Een kleine man, met een precieze ringbaard. Een hoge levendige stem, priemende ogen die snel opnemen. Hij komt mijn verzameling bekijken, geïnitieerd door zijn dochter Amy. Zij is nu conservator van museum Nusantara in Delft.


Dit is hem dus, die wereldberoemde antropoloog die samen met Michael Rockefeller in 1961 voor de zuidkust van Papua vaart. In Flamingobaai is het tij verraderlijk, de Eilandenrivier botst tegen de Arafurazee. Hoge golven. De houten catamaran slaat om. De twee Papua’s die Michael en René vergezellen, schatten de situatie in en zwemmen naar de kust. Hulp halen. Rond het bootje drijven wat spullen die op de ronde bodem worden gehesen. Wachten duurt lang. Een dag, een nacht. Michael en René zien de kust steeds verder weg, ze drijven naar open zee. Beiden zijn goede zwemmers, maar René weigert de boot te verlaten om naar de kust te zwemmen. Michael gaat. Hij gort zich vast aan een leeg felrood benzineblik. De kust is nog maar een smal streepje aan de horizon. Ze nemen afscheid van elkaar. Michael tegen Wassing: “I think I can make it”. René heeft hem nog lang in beeld, een stipje dat langzaam verdwijnt. Voor René is het weer wachten geblazen, gezeten op de bolle bodem van de boot. In de loop van de dag komt een vliegtuigje over. Fakkels en een kleine dingy worden afgeworpen. René zwemt er naar toe, bang voor haaien. Dat zo’n ding proviand en water aan boord heeft, realiseert hij zich niet. Hij dobbert maar wat rond. De volgende dag weer een vliegtuigje. Weer fakkels. Om te markeren waar hij zich bevindt. Dan de boot van het Gouvernement uit Merauke. Gered.

Van Michael geen spoor. Nog voordat René is Merauke aankomt zijn de gealarmeerde vader, gouverneur van new York, Nelson Rockfeller en tweelingzus Jane al in Merauke. In hun gevolg een leger aan pers.
De verdwijning van Michael Rockefeller is wereldnieuws. Er wordt naar hem gezocht. Vergeefs. Na een laatste persconferentie reizen de Rockefellers huiswaarts. Kapot van verdriet. Wat is er gebeurd met Michael? Gepakt door een haai, een zeekrokodil, of vermoord door de Papua’s van het dorp Otsjanep die in strijd waren met het Nederlands gezag? Het rode benzineblik vindt men daar voor de kust terug. In de loop der jaren doen allerlei verhalen de ronde. Zo zou zijn bril door een missionaris in het gebied zijn gezien…

Ik hoef René Wassing niet te vragen naar zijn belevenis. Hij komt er zelf mee. Dat Michael Rockefeller na een verzameltocht door de Baliemvallei naar het Asmat-gebied wil om daar eveneens te reizen en te verzamelen. René Wassing die in Papua (toen nog Nederlands Nieuw Guinea) werkt, wordt door het gouvernement aan de expeditie toegevoegd. Omdat hij de taal spreekt. Michael beschikt over een schat aan ruilartikelen: rode stoffen, ijzeren bijlen van hoge kwaliteit. Met geld doe je daar niks. Michael is onder de indruk van het land en vertelt Wassing dat hij er zich wil vestigen. Zijn collectie groeit. Na zijn dood opgesteld in de Rockefeller wing van het Metropolitain museum in New York.

Bij terugkomt in Nederland wordt René Wassing conservator Oceanië in het Museum voor Volkenkunde (thans Wereldmuseum) Hij beheert de collectie en koopt tijdens zijn reizen belangwekkende stukken aan.
Zijn passie is echter niet Oceanië. Dat zijn de gamelanmuziek, batik, sieraden van Indonesië en vooral wayjangpoppen. Geboren in Palembang op Sumatra voelt Wassing zich een kind van de tropen.

November 2008
Rene Wassing geeft mij zijn houten korwar, die hij kreeg toen hij Papua verliet als antropoloog. De korwar werd gesneden op het eiland Numfor, vlak bij Biak.

April 2011
Wassing overlijdt in zijn huis in Voorburg.

 

 

 



   
René Wassing en zijn vrouw met Jos bij de bisjpaal die Jos
meegenomen heeft vanuit het Asmatgebied in Zuid Papua.